top of page
Meertalige woorden schrijven

Fase 1: Kennismaken

In elke organisatie is er een koers.


Toch is die koers in de praktijk vaak diffuus, impliciet of niet doorvertaald naar het dagelijks werk.
 

In deze eerste fase breng ik de organisatie integraal in beeld.

​Ik voer verdiepende gesprekken met medewerkers, teamleiders en directie.

Ik observeer overleggen en werkprocessen, loop mee in de uitvoering en analyseer bestaande structuren, verantwoordelijkheden en besluitvorming.
 

Ik onderzoek onder andere:

  • Hoe teams zich tot elkaar verhouden;

  • Welke afhankelijkheden bestaan binnen en tussen afdelingen;

  • Waar energie zit en waar frictie ontstaat;

  • Hoe persoonlijkheden en teamdynamiek het systeem beïnvloeden;

  • Waar rollen impliciet zijn in plaats van expliciet;

  • Welke patronen zich herhalen.

 

Ik “licht” als het ware de organisatie door, niet om te oordelen, om te begrijpen wat mensen nodig hebben om hun werk goed te kunnen doen, en waarom dat nu niet lukt.

​

In deze fase werk ik vanuit systemisch denken, progressiegerichte interventies en motivatiepsychologie (Zelfdeterminatietheorie).

 

Ik kijk naar samenhang tussen structuur, gedrag, cultuur en besluitvorming.

  • Wat lukt al?

  • Wat belemmert?

  • Waar zit het verschil tussen formele inrichting en feitelijke praktijk?

 

Moreel leiderschap betekent hier: helderheid creëren over opdracht, verwachtingen en kaders. Ik benoem expliciet wat mijn rol is, wat er wel en niet onder valt, en nodig mensen uit hun perspectief te delen. Niet om consensus te forceren, maar om verwachtingen gelijk te trekken en eigenaarschap te stimuleren.

​

Aan het einde van deze fase is er:

  • Een realistisch beeld van het systeem;

  • Zicht op afhankelijkheden en knelpunten;

  • Helderheid over opdracht en rol;

  • En vooral: vertrouwen.

 

Er wordt niet over medewerkers beslist, maar met hen gewerkt.
De richting is expliciet gemaakt en er ligt een stevig fundament om samen te bouwen.

bottom of page